Wat is de invloed van veranderingen in de burgerschapsonderwijs op het mbo?

13-06-2018

Volgens de minister voor OCW Arie Slob moet een nieuwe wet meer duidelijkheid geven over de rol van het burgerschapsonderwijs het primair en voorgezet onderwijs. Door scholen in de wet meer houvast te bieden, kunnen zij hun leerlingen beter kennis en respect bijbrengen over de basiswaarden van de democratische rechtsstaat, aldus de minister. Welke gevolgen heeft de wetswijziging voor mbo-scholen? Hoe is burgerschap in het mbo geregeld?

Afbeelding van de burgerschapsagenda

De wettelijke opdracht van het mbo is drievoudige kwalificatie. Dit betekent dat scholen hun studenten niet alleen opleiden voor de arbeidsmarkt en de doorstroom naar vervolgonderwijs, maar ook kwalificeren voor deelname aan de maatschappij (goed burgerschap). Studenten krijgen zo inzicht in maatschappelijke thema’s zoals democratie, mensenrechten, vrijheid van meningsuiting, tolerantie, gezond gedrag en media-wijsheid.

Scholen hebben de vrijheid om op hun eigen manier invulling te geven aan de burgerschapsopdracht, op voorwaarde dat vier dimensies en kritische denkvaardigheden aan bod komen (economie, sociaal-maatschappelijk politiek-juridisch en vitaliteit). Dit kan bijvoorbeeld door burgerschapsonderwijs als apart vak aan te bieden of meer te integreren met de beroepsgerichte leerinhoud.

Voor het mbo heeft de wetswijziging geen directe gevolgen, mede omdat er de afgelopen jaren al een aantal veranderingen plaats hebben gevonden. Zo is in 2016 aan de wet toegevoegd dat scholen de ontwikkeling van kritische denkvaardigheden en kennis van mensenrechten stimuleren bij hun studenten. Daarnaast ondertekenden het ministerie van OCW en de MBO Raad vorig jaar de burgerschapsagenda mbo. Deze agenda is een initiatief van het ministerie en de scholen zelf. Het Netwerk burgerschap van de MBO Raad ondersteunt scholen bij de uitvoering.

De burgerschapsagenda mbo heeft een looptijd van vier jaar en omvat diverse afspraken om het burgerschapsonderwijs in het mbo naar een hoger plan te tillen. Een concrete opbrengst is de onlangs verschenen curriculumplanner die onderwijsteams op scholen gebruiken bij het maken van keuzes rondom de vormgeving van hun burgerschapsonderwijs. De curriculumplanner helpt aan de hand van vijf stappen een vertaling te maken van de visie van de school naar een curriculum voor burgerschap. Onderwijsteams kunnen het inzetten om het burgerschapsonderwijs zo veel mogelijk te laten aansluiten op het kwalificatiedossier van een opleiding.

Hoewel de aangekondigde wetswijziging dus geen directe impact heeft op het burgerschapsonderwijs in het mbo, werkt de MBO Raad wel samen met het basis- en voortgezet onderwijs. Op die manier kan burgerschap in het gehele onderwijs een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van jongeren.

Afbeelding van Jan Faber

Jan Faber

Beleidsadviseur / Projectleider Netwerk burgerschap mbo
Marije Hulsbosch

Marije Hulsbosch-Sizoo

Manager In- & Externe Communicatie / woordvoerder
06 - 5027 2673

Reageer