Internationale mobiliteit

Laatst gewijzigd: 08-11-2016

De Europese Unie wil dat in 2020 minimaal zes procent van alle studenten minimaal twee weken voor een studie of stage naar het buitenland zit. Ook Nederland zet zich in om deze ambitieuze doelstelling te behalen. De MBO Raad wil daarom mobiliteit van studenten en docenten bevorderen om hiermee de inzetbaarheid op de (internationale) arbeidsmarkt te verbeteren en het Nederlandse beroepsonderwijs op de kaart te zetten. Naast subsidieprogramma’s heeft de Europese Unie ook allerlei beleidsinstrumenten ontwikkeld die het voor zowel studenten als docenten zo eenvoudig mogelijk maken om naar het buitenland te gaan.

Erasmus Plus-logo

Erasmus+

Erasmus+ is het Europese subsidieprogramma voor alle onderwijssectoren, jeugd en sport. De gedachte erachter is dat mensen zich voortdurend kunnen ontwikkelen en zo meer uit zichzelf te halen. Het programma wil de internationale oriëntatie en samenwerking stimuleren en daarmee de concurrentiepositie van de Europese economie in de wereld versterken. Dat gebeurt onder andere door:
1.    De uitwisseling van studenten en docenten te stimuleren;
2.    Meer internationale samenwerking tussen onderwijs, bedrijfsleven en de overheid;
3.    Meer afstemming van beleid en kennis over onderwijs mogelijk te maken.   

Samenwerking buiten Europa

Nederlandse mbo-scholen werken ook buiten de grenzen van de Europese Unie samen met andere landen. Dit gebeurt onder andere in het groene onderwijs, waar mbo-scholen sinds 2011 Chinese studenten in de tuinbouw opleiden. De minister van onderwijs tekende in 2014 een memorandum tijdens haar bezoek aan China. Op die manier wilde de minister de samenwerking tussen Nederland en China stimuleren.

Manfred Polzin

Manfred Polzin

Beleidsadviseur
Veronique Feijen

Veronique Feijen

Beleidsadviseur
Marlies Mast

Marlies Mast

Secretaresse

European vocational skills week 2016: discover your talent