Doorstroom mbo-hbo in de praktijk: ‘Als opleider hebben we iets te doen’

05-09-2019

Ingrid van Engelshoven, minister van OCW, ontving op 5 september 2019 uit handen van Ton Heerts en Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen het Convenant doorstroom mbo-hbo. Dit convenant heeft als doel om de aansluiting tussen mbo en hbo te verbeteren en werd op 5 juli 2019 door beide verenigingen ondertekend. Maar wat gebeurt er op dit moment al in de praktijk om studenten soepel te laten doorstromen? Dat laten we in drie delen zien via de ervaringen van een bestuurder, docenten en een oud-mbo’er die nu in het hbo studeert. Als eerste is Frits Gronsveld aan het woord, voorzitter college van bestuur van het Scheepvaart en Transport College.

In Rotterdam staken bestuurders van Albeda, Zadkine en Scheepvaart en Transport College (STC) samen met bestuurders van Hogeschool Rotterdam en Hogeschool Inholland de koppen bij elkaar omdat ,,het succes van mbo-studenten die in het hbo een opleiding in het economisch domein volgden te wensen overliet,” zegt Frits Gronsveld. De collegevoorzitter van STC is er eerlijk over. ,,In 2014 stopte in de regio Rotterdam de helft van het aantal mbo’ers dat een economische hbo-opleiding volgde met hun studie in het eerste jaar. Ron Bormans, collegevoorzitter van Hogeschool Rotterdam, trok aan de bel.  Economische opleidingen zijn de meest populaire studies in het hbo. Het is voor veel studenten een emancipatoire route. Als je als mbo de opdracht hebt om studenten voor te bereiden op een vervolgopleiding, dan hebben wij als opleider iets te doen.”

Kennis en ervaring naast elkaar leggen

Niet alleen STC voelde zich aangesproken, ook Albeda en Zadkine krabden zich achter de oren. De drie mbo-scholen besloten samen met de Rotterdamse hogescholen hun krachten te bundelen om de hoge uitval van mbo-studenten in de sector economie op het hbo te keren. In 2017 zag het Rotterdams doorstroomproject het licht.  ,,Alle kennis en ervaring hebben we naast elkaar gelegd en witte vlekken ingevuld om een integraal programma aan te bieden voor onze mbo-studenten in het economisch domein,” zegt Gronsveld. De student volgt in het voorlaatste jaar van zijn mbo-opleiding en in het eerste jaar van zijn de hbo-opleiding op alle scholen hetzelfde programma ter voorbereiding op het hbo. Op het mbo is dit programma verwerkt in het keuzedeel ‘Voorbereiding hbo’. Voordat de student dit keuzedeel volgt, krijgt hij een ontwikkelassessment om te kijken welke hiaten er eventueel nog zijn die een soepele overstap naar het hbo belemmeren. Daarop krijgt de student extra begeleiding. In het eerste jaar op het hbo wordt elke mbo-student die doorstroomt intensief en persoonlijke begeleidt aan de hand van zijn doorstroomdossier. 

Extra inspanningen leveren winst op

Op dit moment volgen 750 Rotterdamse mbo-studenten het keuzedeel ‘Voorbereiding hbo’. Voor het Rotterdams doorstroomproject kregen de betrokken scholen samen 1 miljoen euro subsidie van het ministerie van onderwijs. Dat bedrag stopten ze samen in een pot om lesmateriaal, extra onderwijstijd en extra mankracht te financieren. ,,Zonder de inspanningen die docenten en projectleiders bovenop hun normale werktijden verrichten, zou dit project niet van de grond zijn gekomen,” zegt Gronsveld. 

De subsidie voor het project stopt echter aan het eind van het jaar. ,,De vraag is nu of we dit project in deze vorm kunnen blijven aanbieden. Het kost behoorlijk veel logistiek en onderwijstijd die we niet uit de reguliere middelen kunnen betalen. Ik hoop dat we een light-vorm voor het doorstroomproject kunnen bedenken. We zien dat de studenten die willen doorstromen naar het hbo veel baat hebben bij het versterken van hun zelfstandigheid en taalvaardigheid. Dat zijn de twee grootste struikelblokken voor mbo’ers die verder studeren in het hbo,” aldus Gronsveld.

 

Minister Van Engelshoven noemde het convenant een mooie stap in het versterken van de beroepskolom. Ze merkte op dat de route via mbo naar hbo steeds belangrijker wordt.